• Coalition NAPAR Coalitie

Aanbevelingen - Politie, Comité P & etnisch profileren

Mis à jour : sept. 25


De federale en lokale politie werken via interne antidiscriminatieplannen aan een divers personeelsbeleid, het bestrijden van etnisch profileren en de aanpak van intern en extern racisme. Het beleid zorgt voor een juridisch kader die etnisch profileren erkent en voorkomt.

  • De strijd tegen discriminatie en racisme was een prioriteit in het huidige Nationaal Veiligheidsplan. Dit dient ook in het volgend nationaal veiligheidsplan zo te blijven: in onze democratische rechtsstaat houden discriminatie en racisme serieuze veiligheidsrisico’s in. Deze prioriteit dient in het nieuwe plan wel beter te worden vertaald in concreet beleid.

Het politiekorps is een afspiegeling van de bevolking
  • Er worden bindende streefcijfers en positieve acties (zoals voorbehouden plaatsen, specifieke voorbereidingstrajecten) ingevoerd om meer mensen met een migratieachtergrond toe te laten tot de politieschool.

  • De overheden interculturaliseren het politieapparaat via streefcijfers, diversiteitsplannen en positieve actie, zodat het politieapparaat onder meer een weerspiegeling wordt van de bevolking. Dit stimuleert de politie om het vertrouwen van bepaalde (groepen) burgers te (her-)winnen en werk te maken van een evenredige arbeidsdeelname van mensen met een migratieachtergrond.

  • Er komt een externe audit van de werking van Comité P, de opleidingen van kandidaat-politieagenten en van reeds aangeworven politieagenten en van het huidige rekruteringsbeleid. Deze evaluatie heeft aandacht voor mechanismen die in de weg staan van meer aanwervingen van politieagenten met een migratieachtergrond. Er wordt ook bekeken hoe kandidaten beter gescreend kunnen worden op vlak van hun vermogen om burgers en collega’s gelijk te behandelen.

Nultolerantie tegen racisme binnen en door het politiekorps
  • Onderzoek toont aan dat er sprake is van racisme binnen en door het politiekorps. Zo is er soms ook sprake van racistische uitspraken tijdens interventies (extern racisme). Anderzijds zijn er regelmatig getuigenissen van politieagenten met een migratieachtergrond die racisme ervaren vanwege collega’s (intern racisme).

  • Er wordt een nultolerantiebeleid gevoerd tegenover racistische uitspraken en pestgedrag tussen collega’s en tussen politieagenten en burgers. Hiervoor wordt het tuchtbeleid van politiekorpsen geëvalueerd en aangepast waar nodig. Wanneer men inbreuken bij politieambtenaren vaststelt, dienen deze zowel strafrechtelijk (bij ernstige inbreuken) als via de tuchtwet voor politiepersoneel opgevolgd te worden en moeten er sancties volgen. Overtreders mogen niet onbestraft blijven. De huidige tuchtwet voor politiepersoneel biedt de mogelijkheden om dit te realiseren binnen een reeds bestaand kader[1].

  • Politiecommissarissen en andere leidinggevenden dienen verplichte vorming te krijgen om beter met intern racisme te leren omgaan.

  • De federale en lokale politie werken interne antidiscriminatieplannen uit om etnisch profileren en racisme tussen en door politiemedewerkers aan te pakken.

  • Er komen meer middelen voor vorming over etnisch profileren en de antidiscriminatiewet, de antiracismewet en de negationismewet. Mensenrechtenorganisaties en politieagenten worden bij het geven van deze vormingen betrokken.

  • Er komen overal voldoende referentiepersonen voor discriminatie en haatmisdrijven, bij zowel lokale als federale politiekorpsen[2]. Er wordt een functieprofiel voor deze referentiepersonen opgemaakt.

Toegankelijke, onafhankelijke en effectieve klachtenmechanismen

Wanneer burgers geconfronteerd worden met discriminatie of mishandeling door politiediensten, kunnen ze vandaag klacht neerleggen zowel bij Comite P als bij de lokale antennepost van de politie in hun buurt. Die verschillende mogelijkheden, de onafhankelijkheid[3] van het onderzoek en wat er vervolgens met de klacht gebeurd is niet steeds duidelijk voor de slachtoffers:

Daarom vraagt de Coalitie dat:

  • burgers gemakkelijk klacht kunnen indienen wanneer ze geconfronteerd worden met discriminatie of mishandeling door politiediensten. De informatie over waar en hoe dit te doen, dient publiek, toegankelijk en transparant te zijn. Klachten dienen onafhankelijk onderzocht en geregistreerd te worden met een onafhankelijke adequate opvolging en terugkoppeling aan het slachtoffer.

  • De werking van Comité P geoptimaliseerd en versterkt wordt, zowel om de huidige hoogdrempeligheid te verlagen, als naar capaciteitsversterking, extra financiering en een onafhankelijk personeelsbeleid.


Documentatie, bodycams en bescherming slachtoffers

  • Het is een recht om de politie te filmen. Politiemensen dienen de opdracht te krijgen om dit recht te respecteren. Het is essentieel dat burgers politiegeweld en discriminatie kunnen documenteren en bewijs hiervan kunnen verzamelen. Filmen of fotograferen is een belangrijke manier voor de burger om hun versie van het verhaal te kunnen vertellen of tonen.

  • Gezien de vele nadelen (men kan het uitzetten wanneer men zelf wilt, veiligheid en opvolging van beelden, hoge prijskaartje) staat de coalitie niet achter het gebruik van bodycams. Bovendien heeft grootschalig onderzoek al aangetoond dat de effectiviteit van bodycams uitblijft.

  • Het huidige beschermingsstatuut voor slachtoffers van discriminatie, zoals voorzien in de antidiscriminatiewet en de antiracismewet, wordt versterkt en aangevuld, zodat ook getuigen van racisme beter beschermd worden tegen represailles, onder meer vanwege collega’s of leidinggevenden. Op die manier zullen politieagenten, maar ook andere slachtoffers en getuigen van racisme, gemakkelijker racisme melden en waar nodig juridische stappen ondernemen.


Gemeenschapsgerichte politiezorg

  • De relatie tussen politie en gemeenschappen dient via het model van gemeenschapsgerichte politiezorg (community oriented policing) verbeterd te worden. Het is noodzakelijk om dit model te versterken en te komen tot een betekenisvolle dialoog met minderheidsgroepen. Heel veel burgers signaleren vandaag politiegeweld en respectloze of onprofessionele behandelingen door de politie. Het is dus cruciaal om de gedragsnormen van individuele politiemensen en de algemene benadering door de politie naar verschillende gemeenschappen toe te verbeteren.

  • Op regelmatige tijdstippen inzetten op ontmoetingen met mensen met een migratiegeschiedenis, met een speciale nadruk op jongeren. Organisaties met ervaring in bemiddeling kunnen daarbij betrokken worden.

Etnisch profileren tegengaan
  • Onderzoek[4] wijst uit dat er sprake is van etnische profilering bij de Belgische politie. Onder etnische profilering verstaan we: “Het gebruik door de politie, zonder oogmerk en redelijke rechtvaardiging, van gronden zoals ras, kleur, taal, religie, nationaliteit of nationale of etnische afkomst, bij controle-, bewakings- of onderzoeksactiviteiten”[5]. Het gaat dus om een overtreding van het discriminatieverbod.

  • Zowel etnisch profileren als racisme binnen het politiekorps staan een kwalitatief en effectief opsporings- en rechtshandhavingsbeleid in de weg en berokkenen schade aan de betrokkenen. Etnische profilering verzuurt daarenboven de relaties tussen de politie en bepaalde bevolkingsgroepen, dit terwijl de opsporingsdiensten de medewerking van elke bevolkingsgroep nodig heeft voor criminaliteitsbestrijding.

  • De deontologische code van de politie vermeldt reeds dat politiemedewerkers zich zowel bij de uitoefening van hun ambt als bij professionele relaties met collega’s moeten onthouden van elke vorm van discriminatie op basis van één van de 19 wettelijk gedefinieerde discriminatiegronden, waaronder de raciale criteria. De Wet op het Politieambt maakt echter geen melding van het verbod op racisme en discriminatie.

  • De Wet op het Politieambt dient gewijzigd te worden, zodat er een expliciet verbod komt op directe en indirecte discriminatie op grond van de beschermde criteria. Etnisch profileren dient hierbij expliciet benoemd en verboden te worden. Door etnisch profileren expliciet te benoemen kan zij omgezet worden in heldere politierichtlijnen over de manier waarop politionele handelingen kunnen worden getroffen zonder risico op willekeur en discriminatie. Er dient een duidelijkere standaard van redelijk vermoeden te worden ingevoerd waarbij politieactiviteiten kunnen worden uitgevoerd op objectieve criteria. Dat vergt vorming maar ook een uitgebreide monitoring van politieactiviteiten. Ook de deontologische code dient in die zin verder te worden verfijnd.

  • Het rekenschap en de transparantie van politiecontroles dient verbeterd te worden. Dit kan door:

· een systematische registratie van politiecontroles (met datum, plaats, bevoegdheid, reden voor controle en uitkomst, gekoppeld aan anonieme gedesaggregeerde data zoals nationaliteit, zelfidentificatie inzake etnische afkomst en taal). Dit zowel voor identiteitscontroles, fouilleringen, huiszoekingen als arrestaties.

· het systematisch meedelen aan de gecontroleerde van de reden van de controle en het meegeven van een ontvangstbewijs van de controle. Met dit ontvangstbewijs kan de gecontroleerde aantonen hoe vaak hij/zij gecontroleerd is geweest. Registratie zal tegelijk zorgen voor geaggregeerde statistieken die transparantie verzekeren. Ze zorgt ook voor een effectief intern en extern management van discretionaire bevoegdheden en zal dus de effectiviteit van politiewerk verbeteren.

  • Gezien het vernieuwend karakter van deze aanbevelingen over etnisch profileren, vraagt de coalitie om dit uit te testen binnen een pilootproject om zo na te gaan wat mogelijk is voor de Belgische context. Omwille van de noodzakelijke koppeling met het federaal veiligheidsplan vraagt de Coalitie dat dit initiatief kan genomen worden door de federale politie.

Intervisie, supervisie en individuele begeleiding
  • Intervisie, supervisie en individuele begeleiding worden ingebouwd in het uurrooster van de federale en lokale politie. Door de aard van hun werk komen politieagenten namelijk hoofdzakelijk in aanraking met probleemsituaties. Daardoor kan hun beeld van bepaalde bevolkingsgroepen of wijken vertekend worden en loert veralgemening om de hoek. Bewust of onbewust worden dergelijke ervaringen op racistische manier geïnterpreteerd. Nochtans heeft onderzoek[6] aangetoond dat niet afkomst of religie, maar socio-economische status, netwerken en het feit dat men in een bepaalde wijk woont doorslaggevend zijn om criminaliteit te verklaren. De hierboven benoemde begeleiding, het model van gemeenschapsgerichte politiezorg en de strikte toepassing van de deontologische code hebben als doel contraproductieve interpretaties tegen te gaan, negatieve ervaringen beter te verwerken, constructieve dialoog tussen politie en burger te bewerkstelligen en agressieve attitudes te vermijden.

[1] http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi_loi/change_lg.pl?language=nl&la=N&cn=1999051335&table_name=wet [2] https://www.unia.be/files/Documenten/Wetgeving/getfile.pdf [3] Als men bijvoorbeeld klacht wil neerleggen bij de politiezone zelf, dan valt dit onder de verantwoordelijkheid van de dienst Intern Toezicht van de politiezone zelf; door een wezenlijk capaciteitstekort en onderfinanciering, stuurt Comité P de klacht voor onderzoek terug door naar de betrokken politiezone. Daar valt ze dan terug onder de dienst Intern Toezicht die zijn conclusie vervolgens terug meedeelt aan Comité P. Deze communiceert de conclusie dan aan het slachtoffer. De onafhankelijkheid van Comité P wordt ook door Internationale Instanties zoals de VN in vraag gesteld omdat ze inzake personeelsbeleid niet onafhankelijk zijn van het politieapparaat: vele personeelsleden van Comité P komen uit het politieapparaat en keren er na een carrière bij comité P ook naar terug. [4] Onder meer https://www.amnesty-international.be/sites/default/files/bijlagen/amn_rapport_etnisch_profileren_web_ok_0.pdf [5] Pour des pratiques de police plus efficaces. Guide pour comprendre et prévenir le profilage ethnique discriminatoire, p.6. Voir http://fra.europa.eu/fr/publication/2013/pour-des-pratiques-de-police-plus-efficaces-guide-pour-comprendre-et-prevenir-le [6] Zie onder meer het onderzoek van Sinan Cankaya. Ons volledig memorandum, een gedetailleerde versie van alle onderdelen en alle aanbevelingen is terug te vinden via onderstaande link.


Nous contacter

Pour en savoir plus sur notre travail, rejoindre la coalition, une demande d’interview, etc. contactez-nous via le formulaire suivant.

info@naparbelgium.org

  • Noir Twitter Icon